Vanmorgen begon ik toch weer even met een bokkenpruikje. Waar het boekje schreef over een fijn graspadje, liep die recht langs een 80-weg. Daarna de grasdijk op en 2km door kniehoog gras banjeren. Met zo hier en daar een uitglijder door de schapenkak. Die je niet ziet, omdat het gras zo hoog staat!

Als ik eindelijk het laatste hek door ben en weer naar het asfalt mag, loop ik meteen tegen een terrasje aan. Waarschijnlijk de laatste op mijn weg van vandaag, omdat ik enigszins van de route af ga wijken. Als ik aan mijn decafé latte zit, komen er nog 2 vrouwen het terras op en we raken aan de praat. Zij lopen ook het pelgrimspad, 3 dagen achter elkaar. Een van hen wil dolgraag naar Santiago lopen. We keuvelen, kletsen, vinden elkaar en prijzen ons gelukkig dat we hier in het zonnetje mogen zitten.

Ze hebben geen idee, maar zij zijn mijn Camino-helden van dit jaar. Boy, wat had ik dit even nodig. Samen lachen, samen blij en daarna weer verder hobbelen. Éindelijk proef ik iets van die Camino-sfeer die ik hier zocht. En nu hij er is, zie ik het weer op veel meer plekken. Echt ik ben master van mijn eigen mind-f*ck. Maar dit kwartiertje samen op het terras, samen met mijn besluit mijn eigen route te kiezen en niet de hele dag door grasland te sjokken, zorgen dat ik een hele andere blik krijg. Op mijn wandelplan, op de route van de afgelopen dagen, op mezelf en waarom ik doe wat ik doe. Thank you Universe! I needed that! En het universum was ook een beetje thuis, want uit die hoek kreeg ik hele slimme tips. Thnx babe!

Ik vloog langs (weer) vier molens op een dijk. Hop een bruggetje over en dan mijn eigen plan trekken. Grappig dat ik zo heb geworsteld om die keuze te maken. Had ik alles eindelijk uitgezocht (want met al dat water heb je een route nodig met bruggetjes, anders kan je km’s omlopen), blijkt de oorspronkelijke weg ook gewoon afgesloten te zijn. Dus al hád ik getrouw de officiële route willen volgen, dat kon helemaal niet.

Mijn nieuwe route kende een aangename verrassing. Halverwege was zowaar een ijssalon. Als dat geen cadeautje is na bijna 4 uur lopen! Ik besluit dat ijs mijn lunch wordt en hou hier lekker lang pauze. Schoenen uit, ruimte voor de blaren, die het wel steeds moeilijker maken de schoenen weer aan te krijgen. Maar frisse lucht is alles.

Na mijn break loop ik in kleine stukjes verder. Na een half uur begin ik mijn voeten toch al wel te voelen. Maar zie geen enkel pauze plekje dus probeer rustig door te lopen. Door de halve liter Spa van daarnet moet ik eigenlijk ook weer nodig naar de wc, maar ook zo’n plekje zie ik niet. Als het niet langer meer gaat, duik ik maar het hoge gras in, langs de kant van de weg en ben ik dankbaar dat norman me al die jaren geleden geleerd heeft, hangend aan een dikke tak, om buiten te plassen. Daarvoor kon ik dat nooit, maar hij wilde zijn hospita niet wakker maken, dus ik moest in het plantsoen voor zijn huis gaan hangen en plassen. Maar hier, zo tussen het gras, ben ik blij dat ik inmiddels geheel zelfredzaam ben als het op buiten plassen aankomt. En dat er nog 3 auto’s langsrijden, maakt me eigenlijk ook niet meer zoveel uit.

Opgelucht ga ik weer verder. Nog drie kwartier te gaan. Dat zijn altijd de moeilijkste van de dag. Maakt volgens mij niet uit hoe ver je loopt. Als je het nest bijna ruikt, lijkt elke kilometer er 3. Uiteindelijk vind ik een bankje en blaas daar even een paar minuten uit terwijl mijn voeten op adem kunnen komen. Niet veel later pak ik het pad weer op en zie ik de tekens weer op de palen staan. Nog even de Betuwe-lijn oversteken en dan loop ik zo het dorp binnen. De slingerweg naar het centrum lijkt steeds langer te worden, maar dan ineens zie ik het spoor. Daar moet mijn B&B vlakbij zijn, want die heet Spoor1880. En ja hoor, ik zie hem ineens daar pronken aan de overkant van de straat.

De gastvrouw doet open en kijkt me enigszins verdwaasd aan. Je zou toch morgen komen? Huh, nee vandaag toch? We gaan allebei twijfelen, maar ze gaan me meteen voor naar mijn kamer en verontschuldigd zich dat ze het bed nog niet heeft opgemaakt. Geeft niks! Blijf ik tegen haar zeggen. Ben allang blij dat ik er ben, het weer gehaald heb voor vandaag. En dan staat er ook nog een koud biertje voor me klaar. Mij hoor je niet meer vandaag! Wat een heerlijke, heerlijke dag. Lieve dames van het terras, ik proost op jullie. Dank voor het magische moment dat we vandaag samen beleefden. 💜

Buen Camino.