Was het gisteren niet mijn dag met mijn ontbijt dat gejat was, starten in de regen en lopen door de koeienvlaaien, vandaag heeft alle potentie een topdag te worden. De gastvrouw had om 8u een heerlijk ontbijtje voor me klaar en ik heb mijn klaagzang laten meenemen door de frisse lentebries vanmorgen.

Nee, het is geen pelgrimsroute zoals ik dat in Spanje ervaar. Het is een mooie wandelroute die Pelgrimspad heet. Andere insteek. Want de pelgrimsroute is een pad dat al eeuwenlang gelopen wordt en nu zo mooi mogelijk gehouden. Dit Pelgrimspad is een route die is uitgestippeld om zo mooi en rustig mogelijk te lopen. Daarom soms wat vreemde omwegen, die misschien fijne plaatjes opleveren, maar niet bedoeld zijn als een van A naar B verbinding. Anders dus. Heb me de vrijheid gegeven van de route af te wijken als ik dat wil (of de koeien me ertoe dwingen 😉) en dat geeft veel rust. Maakt mij niet minder een pelgrim op dit pad. Dus ik bekijk de route op Google maps en zie waar fietspad grasland wordt en plan vanaf dat punt een alternatieve route. Soms langer, soms korter. Kom vanzelf weer op de oorspronkelijke route uit.

Al binnen het uur kom ik bij mijn eerste koffiestopje voor vandaag. Schattig plekje dat in Spanje niet zou misstaan. Ik drink een bakkie thee en ga verder op weg. Richting de 3 molens die ik vandaag ga tegenkomen.

Oké. Oké. Toegegeven. Vandaag is de route wel echt prachtig mooi. Geen vliegtuiggeluiden meer, en door weiland zonder koeien, tussen de molens en de sloten. Een bijzonder plekje waar je anders echt nooit zou komen. Mijn rugzak zit weer als gegoten. De zon schijnt. Voetjes voelen goed. Dit doet een mens goed. Of mij in ieder geval.

Een goede anderhalf uur kom ik bij de Oude Rijn. Als ik hier door zou lopen, zou ik morgen thuis zijn. Maar dat is niet het plan, zeker niet na zo’n goede ochtend. Al om 11.15 huppel ik Zwammerdam binnen. Hier is een restaurantje zegt de kaart, dus tijd voor een vroege lunch. Het dorpscafé gaat pas om 12u open staat op het bord. Dan maar verplicht extra pauze houden, want dit is de laatste plek die ik tegen ga komen voor ik bij de B&B in Reeuwijk kom vandaag. Nóg geluk dat het woensdag is, want maandag en dinsdag zijn ze hier gesloten. Puntje eraf voor de gids, toch wel redelijk belangrijk dat erbij te melden. 15km zonder een pauzeplekje vraagt wel wat voorbereiding. Maar omdat vandaag een goede dag is, zijn ze nu wel open en geniet van een lekker bakkie.

In mijn pauze komt een groep voorbij op loopband-steps. Had het weleens op YouTube gezien, maar kon me niet voorstellen dat het makkelijk zou zijn. Zij waren wel enthousiast. En moet zeggen, zag er leuker uit dan ik dacht.

Laatste stukkie hobbelen, nog 9km naar Reeuwijk. Pootjes melden zich één voor één. Grappig hoe dat werkt. Gisteren dikke blaar onder linkervoet, op dezelfde plek als vorig jaar. Was denk ik net een beetje bijgekomen, ga ik weer op pad. Die geprikt en laten luchten en vanmorgen Compeed erop. Die voelde ik wel vandaag, maar was te doen. Maar nu komt blaar 2 op mijn linkerhiel en gaat de strijd aan met blaar 3 op mijn rechterhiel. Ze wedijveren over wie het meeste op knappen staat. Vind ik dus grappig, dat je nooit op 2 plekken tegelijk pijn kunt hebben, maar er altijd eentje wint waar je aandacht naartoe gaat. En als die weer oké is, dan komt de volgende in beeld. Nu wisselt het soms letterlijk per stap, afhankelijk van waar en hoe ik mijn voeten neerzet.

Na een uur neem ik pauze. Net als ik mijn kleedje heb neergelegd in de berm, komt een vrouw langslopen. Ze wijst me op een picknick plek 100m verder. ‘Dat zit toch veel lekkerder!’ Ik hoor niks geks, dus pak mijn spullen en klets nog even met haar. Vraag haar hoe het zit met de officiële route door het weiland. Ze verwacht wel dat daar koeien staan en schapen in elk geval. ‘Maar volgens mij is dat ook hartstikke om hoor. Daar moet je maar net zin in hebben’. Ik hoor weer niks geks, en mijn allerlaatste twijfel om de dorpsroute i.p.v. de weilandroute te nemen, is weg. Na mijn mini-break mét plassen tussen de brandnetels, omdat je dat nou toch een keer moet doen tijdens zo’n wandeltocht.

10 minuten voor de B&B schreeuwen mijn blaren luidruchtig, dus bij een nieuw picknickplekje plof ik neer en zoek ik nieuwe energie. Oh ja, de eigenaresse had een filmpje gestuurd hoe ik naar binnen kon enzo. Even kijken. Ach… bijna begin ik te huilen. Zó lief heet ze me welkom in het filmpje. En het ziet er prachtig uit allemaal en voelt nu al als een mega rustoord waar ik écht kan opladen. Echt? Mag ik daar echt een nachtje verblijven? Mi paradijs est su paradijs. Of zoiets. In ieder geval voel ik voor het eerst, in misschien wel mijn hele leven – want het gevoel is nogal onbekend – dat ik mezelf dit gun. Ik, Bianca, mama, werkende vrouw, vrouw van, hulpmoeder en klassenouder op school, trainer/coach bij de rugby, dochter, zus, vriendin, collega, vage kennis en welke andere rol ik nog niet heb genoemd, GUN mezelf dit goddelijke verblijf. Dus ja, uiteindelijk komen die tranen toch, dat snap je. Adem ‘mezelf gunnen’ in, adem ‘dat verdien ik niet’ uit. Therapeutisch hoor, zo’n wandeling. 😏

Nou, dat filmpje helpt me dus wel die laatste minuten stiefelen. En ja hoor. De sleutel is waar ze gezegd had, het ziet er nog mooier uit dan op de film allemaal. Biertjes koud in de koelkast. Wijn ook. Allemaal van het huis. Wat ben ik toch een enorme bofbips, om maar met Anneke te spreken. Het is dat ik op plekjes als deze mijn man en kinderen altijd mis, anders zou ik zeggen: nooit meer naar huis!

Buen Camino!